Tijdens deze tweede volledige week van de vastentijd lezen we Efeziërs 2. Dit met een gelijkaardig opzet als de vorige week. In Efeziërs 1 werkt Paulus toe naar een climax. Hij laat zien hoe God zijn Zoon heeft gegeven om ons met hem te verzoenen (vs. 3-6, 11-12). Hij leidt al een belangrijk thema van de brief in; verzoening tussen mensen. Hij zegt eerst dat het goed is dat wij het geheimenis kennen; namelijk dat alles in Christus met hem zou verzoend worden (vs. 7-10).

Vervolgens maakt hij een parallelredenering voor jullie. Ook de lezers van zijn brief moet dit weten en beseffen (vs. 15-19): dat alles in Christus met hem verzoend is doordat Christus aan het hoofd van dat alles is geplaatst (vs. 20-22a) om dan uiteindelijk voor het eerst de gemeente te vermelden en dat zij de vervulling is van die verzoening (22b-23). In het tweede hoofdstuk gaat hij op de thema’s van hoofdstuk 1 verder.

  • Dag 1: Lees de tekst met Lectio Divina. Dit is eerder bezinnend en geen studie. Lees de tekst vier keer. De eerste keer lees je hem gewoon. Na de tweede keer vraag je je af of er een woord, een zinsdeel of een zin is die je opvalt. Na de derde keer denk je na over de vraag waarom dat woord of dat zinsdeel opvalt (wat is de link met je leven). Na de vierde keer denk je na over de vraag of God je iets wil duidelijk maken door dit woord/zinsdeel. Dank en bid over wat God je duidelijk maakt. Als je niets opvalt is dat geen probleem. Soms spreekt de Bijbel niet onmiddellijk tegen je.
  • Dag 2: Print de tekst uit* en pas de Zweedse methode toe op de tekst. Meer uitleg vind je HIER. Waar gaat deze tekst volgens jou over? Zie je een link met je eigen leven?
  • Dag 3: Pas een manuscriptstudie toe (de tekst kun je HIER downloaden). Duid de volgende zaken aan: kernwoorden, woorden die herhaald worden, moeilijke delen, vragen, tegenstellingen, etc. Probeer ook structuur in de tekst te brengen. Probeer vandaag te focussen op de observatie en probeer ook al antwoorden te zoeken op de vragen die je krijgt.
  • Dag 4: Lees de tekst opnieuw en probeer de tekst te vertalen naar een hedendaagse situatie (waar is er vandaag strijd of onenigheid in kerken). Hoe zou Paulus een brief schrijven naar deze mensen? Schrijf deze brief ook (alleen hoef je hem niet te versturen).
  • Dag 5: Lees de tekst opnieuw, maar ga nu op basis van de Zweedse methode, de manuscriptstudie en de brief nadenken over de praktische implicaties voor je leven. Waar kun jij een verzoener zijn?
  • Dag 6: Verwerk wat je hebt geleerd door een creatief gebed. Voorbeelde: een schrijfgebed, een brief aan God, een gebedswandeling, een gedicht, bidden met de krant open (bidden voor verzoening in de wereld) …

Opmerkingen:

  • De mens is nogal passief in dit stuk.
  • Dit stuk moet nogal revolutionair geweest zijn. De joden zagen zich echt als aparte bevolkingsgroep en hier roept Paulus op om de grenzen tussen rassen weg te vagen en te overstijgen. Zelfs de situatie in België (Waalse en Vlaamse christenen) verdwijnt hierbij in het niets, maar toch hebben heel wat christenen het moeilijk om die muur tussen Walen en Vlamingen weg te halen. Of wat met de “vreemdelingen” in heel wat van onze grootsteden? Food for thought?